Simeon en Anna

Wonend in de tempel leerden zij het wachten –

stil verweven in hun lange leven

werd dit hun dagelijks patroon:

het wachten op de Mensenzoon

wachten in de schemer van aloude profetie

wonend in de tempel

wachtend

dan

plots

een vrouw

een man

twee tortelduiven

en een kind

een flits

hun hele wezen weet:

de tijd is vol

de cirkel rond

de Eeuwige

een weerloos kind

een lied begint voorbij

de jaren van het wachten

in vrede laat Gij, Heer,

Uw dienstknecht gaan

nieuwe woorden klinken

zij zingen van een wereldwijde horizon.

Oeke Kruythof